Overgangsnormen
Gedurende het afgelopen jaar hebben we u geïnformeerd over de veranderde overgangsnormen.
Over het hoe en waarom willen we u met deze tekst nogmaals het één en ander toelichten.
In de loop der jaren waren de overgangsnormen van de diverse leerjaren regelmatig aangepast en daardoor ongewild ook nogal uit elkaar gegroeid. Alleen dit al was een reden om er weer eens goed naar te kijken en voor meer eenheid te zorgen. In het begin van dit schooljaar heeft de MR de nieuwe overgangsregeling goedgekeurd. U kunt deze regeling op onze site terugvinden.
Een tweede reden was dat we de afgelopen jaren voor alle leerjaren zijn overgestapt naar het zogenaamde "voortschrijdend gemiddelde". Alle cijfers tellen direct mee voor het eindcijfer en rapporten zijn nu een "meterstand" geworden die met ieder toegevoegd cijfer weer kan veranderen. In sommige leerjaren was dit nog niet goed verwerkt in de overgangsnormen. (In het eerste leerjaar tellen de cijfers in het eerste kwartiel overigens nog niet mee.)
Een derde reden waren de veranderingen in de nieuwe slaag-/zakregeling in de Tweede Fase. De huidige 3 havo- en 4 atheneumleerlingen krijgen daar als eerste mee te maken. In de toekomst mogen leerlingen voor de vakken Nederlands, Engels en wiskunde nog maar één onvoldoende (een vijf) hebben voor het examen. Daarnaast moet het gemiddelde voor het centraal examen minimaal 5,5 zijn. De overheid heeft daarmee duidelijk gekozen voor een verzwaring van de slaag-/zakregeling die natuurlijk in de jaarlagen daarvoor invloed heeft. Dit alles maakte het voor ons noodzakelijk naar alle overgangsregelingen te kijken en indien nodig aan te passen.
Daarnaast vonden we dat doubleren van een leerjaar geen automatisme meer mocht zijn. Met name de laatste jaren hebben we moeten constateren dat automatisch een jaar overdoen helaas vaak niet tot een beter resultaat leidde.
In de overgangsnormen staat dan ook dat voor alle leerjaren geldt, dat een leerling niet mag doubleren tenzij de vergadering op basis van persoonlijke omstandigheden anders beslist.
Als die bijzondere omstandigheden er niet zijn zal de leerling op een lager niveau zijn schoolloopbaan moeten vervolgen. In vrijwel alle gevallen t/m klas drie kan dat op de TSG (van atheneum naar havo en van havo naar mavo) maar in een heel enkel geval zal dit ook extern moeten. U moet daarbij denken aan een voortzetting op B/K niveau voor het vmbo. Ook voor klas 4 en hoger kan het meestal intern. Een leerling in 4 atheneum kan bij doubleren nog naar 4 havo en een leerling in 5 atheneum naar 5 havo. Een leerling in 4 havo kan naar het MBO. Bij steeds meer MBO-opleidingen kun je ook al halverwege het jaar instromen!
Het examenjaar mag overigens op havo en atheneum altijd overgedaan worden. Voor de mavo moet er tot 2012 rekening gehouden houden worden met een verblijfsduur van maximaal 5 jaar.
Deze aanscherping dwingt ons in de onderbouw nog beter te determineren. Alle vakken hebben dit jaar opnieuw naar hun vakwerkplannen gekeken en die zo nodig aangepast. Uiterlijk na klas drie moet wat ons betreft iedere leerling op zijn plek zitten en zou er in de bovenbouw van doubleren geen sprake meer moeten zijn.
G. Lomme
Teamleider havo
Overgangsnormen
- Voor alle leerjaren geldt dat een leerling niet mag doubleren tenzij de vergadering op basis van persoonlijke omstandigheden anders beslist.
- Slechts in zeer uitzonderlijke gevallen kan van de overgangsregeling worden afgeweken. Na overleg in de voorbereidende commissievergadering komt de teamleider met een voorstel bij de algemeen directeur. Via hem komt het voorstel uiteindelijk in de overgangsvergadering.
- Iedere lesgevende docent dient aanwezig te zijn ( buitengewone omstandigheden daargelaten) en heeft stemplicht.
- Er wordt per vak gestemd. (GLB en maatschappelijke stage zijn in deze geen vakken)
- De meerderheid van stemmen is bepalend.
- Als de stemmen staken beslist de voorzitter.
- In klas 1 en 2 krijgen leerlingen in MH cijfers op mavo- en havoniveau en in HA cijfers op havo- en atheneumniveau. Voor een bevordering naar een bepaalde afdeling gelden de betreffende cijfers.
Voor de trajecten is er een extra bepaling in de normen opgenomen.
Een leerling die op het overgangsrapport voor het vak dat het traject bepaalt (Engels voor fast lane, onderzoek en ontwerpen voor het technasium, sport voor de sportklas en daarnaast de vakken moderne media en wetenschapsoriëntatie) een onvoldoende haalt, is een bespreekgeval: besproken moet worden of de leerling over kan naar de volgende klas van het traject. Wanneer dat niet mogelijk is, moet besloten worden of de leerling naar de volgende klas van hetzelfde niveau kan. Dit kan ook een HA-klas zijn. Voor de overgang geldt dan dat voor fast lane een cijfer bepaald wordt op grond van de prestaties van het reguliere curriculum dat in de parallelklassen bepalend is, voor het technasium dat geoordeeld wordt los van het vak onderzoek en ontwerpen en voor de sportklas los van het vak lichamelijke opvoeding.
In de brugklas wordt er in kwartiel 1 niet lager gecijferd dan een 3
Bevordering vanuit klas 1 naar 2
De tellende vakken zijn Nederlands, Engels, Frans, geschiedenis, aardrijkskunde, wiskunde, biologie en lichamelijke opvoeding en indien van toepassing beeldende vorming, techniek, muziek, filosofie, onderzoek&ontwerpen, wetenschapsoriëntatie en moderne media.
Aanvullend geldt dat een leerling van 1HA bevorderd zou kunnen worden naar klas 2A en van 1MH naar 2HA. De overgangsvergadering beslist hierover.
|
Combinatie Onvoldoende cijfers
|
Resultaat + = bevorderd B = bespreekgeval - = afgewezen |
|
5 4 3 of lager |
+ + B |
|
5 5 4 5 3 5 4 4 3 4 3 3 |
+ + B B - - |
|
5 5 5 |
B |
|
Overig |
- |
Bevordering vanuit klas 2 naar 3
De tellende vakken zijn Nederlands, Engels, Frans, Duits geschiedenis, aardrijkskunde, wiskunde, natuurkunde, lichamelijke opvoeding en indien van toepassing beeldende vorming, techniek, muziek, filosofie, economie,onderzoek&ontwerpen, wetenschapsoriëntatie en moderne media.
Een leerling uit 2HA die niet bevorderbaar is naar 3 havo kan bevorderd worden naar 3 mavo als na omrekening (door er een punt bij op te tellen), de leerling volgens de norm van 2MH naar 3 mavo bevorderd is.
Een leerling die vanuit 2MH naar 3H wil mag niet meer dan één onvoldoende ( een vier of een 5) voor Nederlands, Engels of wiskunde hebben.
Dit geldt ook voor de leerling die van 2HA en 2A naar 3H of 3A wil.
|
Combinatie Onvoldoende cijfers
|
Resultaat + = bevorderd B = bespreekgeval - = afgewezen |
|
5 4 3 of lager |
+ + B |
|
5 5 4 5 3 5 4 4 3 4 3 3 |
+ + B B - - |
|
5 5 5 |
B |
|
Overig |
- |
3 havo naar 4 havo en 3 atheneum naar 4 atheneum
De tellende vakken zijn Nederlands, Engels, Frans, Duits geschiedenis, aardrijkskunde, wiskunde, natuurkunde, scheikunde, biologie economie, lichamelijke opvoeding en indien van toepassing beeldende vorming, onderzoek&ontwerpen, wetenschapsoriëntatie en moderne media.
Leerlingen mogen voor de vakken Nederlands, Engels en wiskunde maar één onvoldoende hebben. Het mag een vijf of een vier zijn.
Leerlingen die op het havo in het profiel CM geen wiskunde hebben mogen voor Nederlands en Engels maar één onvoldoende hebben.
Als aan die eis voldaan is gelden onderstaande normen:
|
Combinatie Onvoldoende cijfers
|
Resultaat + = bevorderd B = bespreekgeval - = afgewezen |
|
5 4 3 of lager |
+ + B |
|
55 45 35 34 44 |
+ + B B B |
|
555 455 |
B B |
|
Overige |
- |
Voor de overstap van 3 havo naar 4 mavo en 3 atheneum naar 4 havo geldt dat de cijfers met één punt verhoogd worden en dat vervolgens de overgangsregeling van 3 mavo naar 4 mavo respectievelijk die van 3 havo naar 4 havo wordt toegepast.
3 mavo naar 4 mavo
- 7 tellende cijfers:
De 6 examenvakken
+ het gemiddelde van het 7e vak en de 2 niet gekozen vakken.
Overgangsnormen
- Handelingsopdrachten en praktische opdrachten moeten voldoende afgesloten zijn
- CKV en lichamelijk opvoeding moeten met voldoende of goed worden beoordeeld.
|
Combinatie Onvoldoende cijfers |
Resultaat + = bevorderd B = bespreekgeval - = afgewezen |
Voorwaarde |
|
5 4 |
+ + |
|
|
55 |
+ |
Gemiddeld minimaal 6 |
|
55 |
B |
Gemiddeld lager dan een 6 |
|
45 |
B |
Gemiddeld minimaal 6 |
|
44 |
B |
Gemiddeld minimaal 6 |
|
overige |
- |
|
Tweede Fase:
Toelichting combinatiecijfer
Het combinatiecijfer bestaat op de TSG voor het havo uit het gemiddelde cijfer van Maatschappijleer en het profielwerkstuk en van het atheneum uit het gemiddelde cijfer van ANW, Maatschappijleer en het profielwerkstuk.
De afzonderlijke cijfers worden eerst afgerond op één decimaal en vervolgens op een heel cijfer. Het gemiddelde van de twee (havo) of drie (atheneum) cijfers wordt vervolgens weer eerst afgerond op één decimaal en daarna weer op een heel cijfer. Dit hele cijfer wordt meegenomen in de berekening van het eindcijfer.
Er mag geen cijfer lager dan een vier staan voor één van de vakken.
Voor de overgang geldt het volgende:
In 4 havo telt Maatschappijleer gewoon mee.
In 4 atheneum telt ANW gewoon mee. (Heeft de leerling O&O dan levert dat vak naast het O&O-cijfer ook een cijfer voor ANW. Vervolgens schuift het cijfer door naar 6 atheneum en telt daar weer mee voor het combinatiecijfer.
In 5 atheneum telt maatschappijleer gewoon mee. In 6 atheneum telt het mee voor het combinatiecijfer.
4 atheneum naar 5 atheneum
Alle becijferde vakken tellen mee.
Leerlingen mogen voor de vakken Nederlands, Engels en wiskunde maar één onvoldoende hebben. Het mag of een vijf of een vier zijn.
Loopbaanoriëntatie, CKV en lichamelijke opvoeding moeten met voldoende of goed worden beoordeeld.
Als aan die eis voldaan is gelden onderstaande normen:
|
Combinatie Onvoldoende cijfers
|
Resultaat + = bevorderd B = bespreekgeval - = afgewezen |
Voorwaarde |
|
5 4 |
+ + |
|
|
55 45 |
+ + |
|
|
555 |
+ |
Gemiddeld minimaal 6 |
|
555 |
B |
Indien gemiddeld minder dan 6 |
|
44 |
+ |
Gemiddeld minimaal 6 |
|
44 |
B |
Indien gemiddeld minder dan 6 |
|
455 |
+ |
Gemiddeld minimaal 6 |
|
455 |
B |
Indien gemiddeld minder dan 6 |
|
Overige |
- |
|
4 havo naar 5 havo en 5 atheneum naar 6 atheneum
Alle becijferde vakken tellen mee.
Leerlingen mogen voor de vakken Nederlands, Engels en wiskunde maar één onvoldoende hebben. Het mag een vijf of een vier zijn. Leerlingen in 4 havo met het profiel CM zonder wiskunde mogen voor Nederlands en Engels maximaal één onvoldoende hebben. Het mag een vijf of een 4 zijn.
Loopbaanoriëntatie, CKV en lichamelijke opvoeding moeten met voldoende of goed worden beoordeeld.
Als aan die eis voldaan is gelden onderstaande normen:
|
Combinatie Onvoldoende cijfers
|
Resultaat + = bevorderd B = bespreekgeval - = afgewezen |
Voorwaarde |
|
5 4 |
+ + |
|
|
55 |
+ |
|
|
45 |
+ |
Gemiddeld minimaal 6 |
|
45 |
B |
Indien gemiddeld minder dan 6 |
|
555 |
+ |
Gemiddeld minimaal 6 |
|
555 |
B |
Indien gemiddeld minder dan 6 |
|
44 |
B |
Gemiddeld minimaal 6 |
|
Overige |
- |
|
Overgang 4 mavo naar 4 havo
Traject 4 mavo - 4 havo
Leerlingen die na 4 mavo door willen stromen naar 4 havo zijn verplicht deel te nemen aan het havo-traject. Het traject ziet er als volgt uit:
Oktober
Alle ouders en leerlingen worden schriftelijk uitgenodigd voor de ouderavond "overstap 4M-4H". De leerlingen schrijven een motivatiebrief die meegegeven wordt met het inschrijfformulier voor de ouderavond.
Begin november
De ouderavond "overstap 4M-4H" wordt gehouden. Na deze bijeenkomst kunnen leerlingen zich schriftelijk aanmelden voor deelname aan het traject. Leerling en ouders ondertekenen dan ook voor het bekend zijn met de hieronder beschreven procedure.
November - oktober
Belangstellende leerlingen volgen gedurende een half jaar een voorbereidend havo programma. Het doel van deze extra lessen is:
- Leerlingen maken kennis met de werkwijze in 4 havo.
- Leerlingen maken kennis met havo docenten en de door hen gehanteerde didactiek.
- Het verbeteren van de aansluiting tussen het mavo- en havoprogramma voor
de vakken Nederlands, Engels en wiskunde.
- Leerlingen laten ervaren welke extra werkdruk in 4 mavo verwacht kan worden door uitbreiding van het mavo programma met de extra havo lessen en de daaruit voortvloeiende werkzaamheden.
De organisatie van de lessen is als volgt:
- Leerlingen volgen een extra programma van 2 uur per week voor de vakken Nederlands, Engels en wiskunde. De lessen worden zoveel mogelijk gepland tijdens leerwerkhuisuren.
- Een vakprogramma duurt 6 weken. Leerlingen hebben 2 uur per week les. Het programma wordt afgesloten met een toets.
Voorwaarden voor deelname aan de extra havo lessen:
- Het rapport na toetsperiode één bevat maximaal 2 onvoldoendes.
- Het rapport na toetsperiode twee bevat maximaal 1 onvoldoende.
Maart
De decaan vraagt de mavovakdocenten van de trajectleerlingen om een schriftelijk advies over de slagingskansen in 4 havo. Er wordt aangegeven of de leerling over de vereiste studiehouding en capaciteiten beschikt. De leerling kan de docenten een toelichting vragen op de gegeven adviezen.
Voor meivakantie
1. De toelatingscommissie, bestaande uit de teamleider en decaan van mavo en havo, beoordeelt of een leerling mag instromen in 4 havo. Uitgangspunt is dat een leerling moet voldoen aan de volgende eisen:
- de definitieve schoolexamencijferlijst bevat maximaal 1 onvoldoende;
- de leerling krijgt van de meerderheid van de vakdocenten een positief advies op grond van zijn of haar capaciteiten;
- de leerling krijgt van de meerderheid van de vakdocenten een positief advies op grond van zijn of haar werkhouding;
- twee van de drie havo-toetsen zijn met een voldoende afgesloten.
Een leerling die voldoet aan drie van de vier eisen is een bespreekgeval.
2. Ouders en leerling worden schriftelijk over de resultaten van de toelatingscommissie geïnformeerd:
- de toelaatbaarheid: een leerling wordt wel of niet toegelaten in 4 havo;
- een argumentatie van de genomen beslissing.
Aanvullende eisen instromers buitenaf (of leerlingen die havo traject niet gevolgd hebben:)
- een leerling heeft gemiddeld een 7 op zijn diploma mavo;
- een leerling krijgt een positief advies van de afleverende school.
Overgang 5 havo naar 5 atheneum
- Leerlingen die willen overstappen van 5 havo naar 5 atheneum moeten wiskunde in hun pakket hebben en een tweede moderne vreemde taal.
Opmerking hierbij:
- Wiskunde is in alle profielen op het atheneum verplicht. Zonder wiskunde kan een leerling niet naar het atheneum
- De tweede moderne vreemde taal is bij te werken wanneer een leerling deze taal niet in 4 havo heeft gehad en er in 5 havo achter komt dat hij/zij alsnog naar het atheneum wil. De leerling moet dan de eindtoets (niveau eind 4A) in het vijfde leerjaar van de havo met een voldoende afsluiten.
De procedure:
- Leerlingen melden zich aan voor de tweede toetsweek wanneer zij in willen stromen in het atheneum.
- Na het 2e rapport wordt gekeken of een leerling atheneumwaardig is. Dit houdt in dat een leerling voldoende resultaten moet laten zien en dat een leerling de juiste werkhouding moet vertonen. Rond eind maart wordt aan de lesgevende docenten een advies gevraagd. Voor half april beslist een toelatingscommissie of de leerling in 5A kan worden geplaatst. Deze commissie bestaat uit de teamleider en decaan van havo en atheneum. Leerlingen die toegelaten worden hebben vervolgens nog een gesprek met de decaan van het atheneum over de profielkeuze. Leerlingen die afgewezen worden hebben recht op een toelichting door de voorzitter van de commissie.
- De aanmelding geschiedt altijd via het decanaat atheneum
- Leerlingen die zich na leerlingbespreking na het 3e rapport aanmelden kunnen alsnog worden toegelaten nadat zij zich bij de decaan hebben aangemeld. De decaan informeert bij de docenten of de leerling atheneumwaardig is. Zij komen op een wachtlijst. Dat geldt zowel voor leerlingen van de TSG als voor externe leerlingen.
- In principe kiest een leerling de vakken die hij/zij in de havo ook had. Er zal een extra vak gekozen moeten worden. Wanneer dit een vak is dat niet in vier atheneum wordt gegeven kan de leerling gemakkelijk instromen. Wanneer dit een vak is dat de leerlingen van 4 atheneum wel hebben gehad zal de instromende leerling, tijdens de weken wanneer hij/zij vrij is na het examen enkele taken voor dit vak moeten doen.
De criteria
- Leerlingen mogen geen onvoldoende hebben voor Nederlands, Wiskunde of Engels. In de andere vakken mogen ze maximaal 1 onvoldoende hebben, waarbij het gemiddelde cijfer voor alle eindexamenvakken minimaal een 7 moet zijn.
- Leerlingen die scoren tussen de 6,5 en 7,0 komen worden beschouwd als bespreekgeval.
- Zowel de werkhouding als het tekstbegrip moeten door de docenten als voldoende worden beoordeeld.
- Leerlingen van buiten kunnen alleen dan instromen wanneer er een positief advies is van de toeleverende school en wanneer er gemiddeld een 7 voor de vakken van de havo is behaald.






